Het verhaal van Iris, deel 2

Posted in Lifestyle, Persoonlijk

Iedereen zegt het wel eens: ‘Geen idee, ik voel me gewoon een beetje depri.’ Toch zit er nog een levensgrote kloof tussen ‘ik voel me rot’ en ‘ik ben depressief’. Iris deelt vandaag haar verhaal met ons, over hoe het écht voelt om depressief te zijn. Ze doet dit omdat ze hoopt dat de taboe rondom het hebben van een depressie, en het zoeken van hulp en stuk minder zal worden in de toekomst. Vandaag lees je deel 2 van het verhaal van Iris. Heb je deel 1 gemist? Je kan hem hier teruglezen. 

Vlak voor ik voor het eerst kennis maakte met PsyQ,verhuisden we. De hele verhuizing heb ik als een roes ervaren. Ik kan me er weinig meer van herinneren. Wel weet ik nog dat ik weken voor de verhuizing onze hele huisraad al begon in te pakken, ook dingen die we eigenlijk nog moesten gebruiken in het appartement waar we op dat moment woonden. Ik wilde zo graag de orde in huis scheppen die ik in mijn hoofd miste.

Na onze verhuizing was ik dagenlang alleen thuis. Ik was immers gestopt met mijn opleiding en mijn stage. Mijn vriendin moest iedere dag de deur weer uit om te werken, en ik bleef dan alleen achter. Natuurlijk probeerde ik met familie en vrienden te praten over de situatie waarin ik zat, maar de woorden die uit mijn mond kwamen pasten totaal niet bij de gevoelens in mijn hoofd. Welke woorden dat dan wel waren, waren ook een raadsel. Ik was mezelf kwijt en had geen idee meer wie ik was. Er hoefde maar iets heel kleins te gebeuren, en ik ontplofte. Het vermogen om belangrijke zaken van onbelangrijke te scheiden, bezat ik niet meer. Mijn hoofd was een pan, die overstroomde en ontplofte wanneer er teveel emoties in werden gegooid. De realisatie dat ik op dat moment al in een zware depressie zat, was er niet bij mij.

Bij PsyQ bezocht ik een MAV-groep*. Het fijne van het participeren in een MAV-groep is dat je omringt bent door mensen in dezelfde situatie. De sociale controle is hoog, en iedereen heeft het beste met elkaar voor. Wat ik bijvoorbeeld in deze groep heb geleerd, is dat ik snel teveel wil en doe. Toen de psycholoog, die de groep leidde een oefening met mij deed waarin hij houtblokken op mijn armen stapelde en ik stop moest zeggen wanneer het me te veel werd, stapelden de houtblokken zich al snel op tot een toren waar je U tegen zegt. Ik zei geen stop, ik wilde door. Na een aantal weken in de groep te hebben gezeten, stopte ik na twee blokken. Ik merkte dat het fijn is om je grens aan te geven, zodat je positie comfortabel blijft, en je met je andere hand ook nog het een en ander kan doen.

De realisatie dat ik een depressie had kwam wel, in Kroatië. Toen ik hier met mijn ouders en vriendin op vakantie was, heb ik weer vreselijk veel spanning gevoeld. Het was voor mij een grote stap om met de auto zo ver weg te zijn van mijn vertrouwde thuis. Ik was constant boos op alles en iedereen, terwijl mijn ouders ontzettend lief voor ons waren. Toen we in Nederland waren, en ik weer niet naar buiten durfde, besloot ik dat het moest stoppen. Niet lang erna bezocht ik een psychiater. Met één vraag heeft zij mij goed wakker geschud. Ze vroeg: ‘Als je niet meer wil, denk je dan aan een bepaald voorbeeld waarmee je eruit wilt stappen?’ Over het antwoord hoefde ik haast niet na te denken, dat voorwerp zat helder in mijn hoofd. Hoe hard ik mijn best ook deed om een uitweg te vinden, het lukte niet. Op deze manier wilde ik niet door, en was ik liever weg van de wereld.

Iris depressie

Samen met de psychiater besloot ik antidepressiva te gaan slikken. We stelden een begin datum vast, en de datum ervoor dronk ik met mijn familie en vrienden nog een drankje. Op de hoop dat ik er af zou komen.

Na drie weken antidepressiva voelde ik mezelf langzaamaan veranderen. Ik fietste niet meer door rood, en stond niet meer op de automatische piloot. Toen ik mijn vriendin voor het eerst weer zag lachen om één van mijn grapjes maakte mijn hart een sprongetje. Dit hadden we allebei zo ontzettend gemist. Het ging beter met me, eindelijk.

Op dit moment, 3 jaar later, voel ik me heel erg goed. Ik ben nog steeds met mijn fantastische vriendin, heb een vast contract, een erg leuke baan en ik volg zelfs weer een opleiding. Soms merk ik dat het perfectionistische meisje van vroeger weer om de hoek komt kijken, en voel ik de stress om alles goed te willen doen, maar ik kan nu tegen me zeggen: doe rustig aan, het komt wel goed. Ik ben dankbaar voor mijn depressie. Het heeft me veranderd als mens. Ik heb ervan geleerd dat het allerbelangrijkste is dat ik blij ben met mezelf. Waar voorheen nooit iets goed genoeg was, is alles nu goed genoeg, als je maar je best doet. Ik wil tachtig worden, en zal tachtig moeten worden met mezelf.

*MAV-groep staat voor met aandacht voelen groep, en is een vorm van groepstherapie.

Previous Post Next Post

Leave a Reply

Misschien vind je dit ook leuk